Vrijdag 28 november organiseerden we een Masterclass en Deep Dive rondom script consulting, met de Zweedse script consultant Marietta von Hausswolff von Baumgarten. Een terugblik op een ochtend vol praktijkvoorbeelden, uitdagende vragen en diepgaande inzichten over werken met scripts in een internationale context, en wat een verhaal écht draagt.
Het is misschien een van de minder bekende rollen binnen de filmindustrie: script consulting. Vanuit deze rol ben je echter al vroeg en nauw betrokken bij grote producties. Bovendien wordt je werk soms niet eens gecrediteerd. Toch kan een script consultant een bepalende invloed hebben op het verhaal dat wordt verteld en op de wijze waarop dat gebeurt. Zelfs wanneer onafhankelijke filmmakers of grote studiobonzen aan een project werken, hebben zij vaak een geheel eigen visie. Een script consultant kan juist een frisse blik bieden en de direct betrokkenen scherpe vragen stellen over hun keuzes, zoals: hoe kennen de karakters in deze scène elkaar? Wat is hun achtergrondverhaal? De inzichten van een script consultant biedt perspectieven die de makers vanuit hun eigen referentiekader niet altijd zelfstandig weten te ontdekken.
Tijdens deze masterclass gaf Marietta von Hausswolff von Baumgarten — internationaal scriptconsultant, schrijver en ervaren begeleider van filmmakers — een scherpe en inspirerende inkijk in haar werkwijze, visie op storytelling en de complexiteit – maar ook plezier van het werken aan een film die ‘at the end of the day‘ niet jouw eigen film is.
De taal van film begint op papier
Al vroeg in haar carrière ontdekte Marietta hoe krachtig een goed geschreven filmvisie kan zijn. De cult horrorfilm The Babadook (Jennifer Kent, 2014) was voor haar een keerpunt: zelfs de synopsis was zo intens dat ze die ’s avonds niet durfde te lezen. “Je kunt op papier precies communiceren wat de film gaat zijn — tenminste, als je het goed doet,” legt ze uit. Voor haar is dat de kern van screenwriting: een visuele, precieze, intentionele taal die de basis legt voor de hele productie. Script consultanten volgen meestal geen formele opleiding, wat volgens Marietta zowel een kans als een uitdaging is. Marietta’s eigen pad liep via journalistiek, theater, filmstudies in binnen- en buitenland, en uiteindelijk televisie. Ze werd ontslagen, werkte jaren in commercials en tv — en noemt dat nu haar echte school.
De belangrijkste les voor haar was dat verveling de grootste vijand is. Marietta: “Ik ben een ontzettend ongeduldig persoon en mag me echt niet vervelen, dus wil en moet ik constant blijven leren, onderzoeken en mijn horizon verbreden.” Die drive bracht haar naar internationale workshops zoals TorinoFilmLab en tientallen ontwikkeltrajecten wereldwijd: “Cinema en screenwriting zijn vormen van achteruit schrijven,” zegt ze. “Als je het einde begrijpt, wordt alles wat ervoor ligt plots logisch. Eigenlijk loopt alles in het leven zo.” Haar analytische karakter is voor haar één van de redenen waarom ze dit werk kan doen: “Volgens mij is iedereen in de creatieve sector al creatief sinds kinds af aan. Het instinct om te analyseren merkte ik toen ook, maar begon zich echt pas later in de praktijk te ontwikkelen. Dat maakt dat ik doorhad hoezeer het vak script consulting bij mij paste. Als script consultant stel je continu vragen, met als bron het script van de schrijver. Daar heb je echt een analytische blik voor nodig.”
Vragen, vragen, vragen — tot de ‘waas’ verdwijnt
De rol van een script consultant is duidelijk, maar vaak onderschat: iemand die vóór de productie de communicatie opent, vragen stelt, blinde vlekken blootlegt en dure fouten voorkomt. Film maken is duur, maar fouten zijn dat óók. Marietta: “Zelfs met maar drie mensen in de kamer kun je de kwaliteit van een film al drastisch verbeteren.” Maar haar rol is niet alleen technisch. Veel filmmakers willen geen ‘film maken’ maar betekenis vinden. Scriptontwikkeling kan daardoor bijna therapeutisch zijn: “Zeker in tijden van AI moeten we beseffen: kunst onthult wat ons is aangedaan. Dat kun je niet zomaar laten programmeren door een computer.”
De kern van Marietta’s methode is vragen stellen. Niet om de scenarist of regisseur te testen, maar om helderheid van intentie te bereiken. Ze blijft doorvragen tot de maker niet langer ontwijkt of aannames doet. Marietta: “Als de ‘glaze’ — die lege blik — verdwijnt, weten we dat we dichter bij de essentie komen. Die ‘glaze’ is er bij iedere maker, ongeacht ervaring in de sector.” En, opmerkelijk: Marietta geeft zelf nooit suggesties, “omdat het at the end of the day niet mijn film is.” Wat ze wél doet is opties openen, scenario’s spiegelen, en verleidelijke routes aanbieden zodat de maker zelf de antwoorden kan vinden. “Dit kan heel frustrerend zijn voor de maker, want die heeft natuurlijk liever de makkelijke weg: dat ik met antwoorden kom, in plaats van blijf door te vragen. Terwijl, juist het doorvragen heeft effect: zo denkt de maker ook meer na over het script, en de film zelf.” Ook geeft ze geen advies zonder eerst te spreken met de maker, wat met internationale scripts soms lastig kan zijn. “Ik lees áltijd alles vooraf: script, notities, context. Maar wat je ziet op papier is vaak niet wat het uiteindelijk moet worden. Dat weet alleen de maker. Film is een heel interessant medium, want alles is gelinkt aan emotie. Ik wil dan wel kunnen begrijpen: bij wie wil je de emotie als maker opwekken? Wie hoort er iets te voelen, en wat?”
Karakter als fundament van structuur
Veel makers willen wanneer het om het script gaat puur werken aan de structuur. Volgens Marietta begint structuur echter niet bij plot, maar bij karakter: “Wie zijn deze mensen? Wat weten ze? Wat willen ze — bewust en onbewust? Plot is informatie. En die informatie beweegt door een personage. Dat personage kan een mens zijn, maar ook een huis. Kijk naar Lost Highway (David Lynch, 1997): het huis weet dingen, is een karakter op zich in de film.” De manier waarop deze informatie uit het script wordt vrijgegeven, bepaalt uiteindelijk de structuur: karakterontwikkeling is de sleutel tot een geloofwaardig en meeslepend plot.
Wanneer een maker een breed publiek wil aanspreken, vraagt dat om een toegankelijke taal, maar nooit om platte keuzes. Je kunt een publiek bereiken en toch een uniek perspectief behouden, zeker als je in verschillende culturele contexten werkt. Zo vertelt Marietta hoe ze soms pas na een aantal maanden doorheeft dat de regisseur van het project eigenlijk een publieksfilm wil maken. “Dan verandert de taal volledig.” Toegankelijkheid betekent niet dat je creativiteit inlevert, maar maakt wel dat je anders moet gaan werken en denken, en communiceren met de regisseur en scenarist. Toch blijft één principe staan: eerlijkheid. Marietta vertelt makers altijd precies wat wel en niet zichtbaar is in het script. “Veel van wat een filmmaker of scenarist ‘bedoelt’ met het verhaal, staat eigenlijk nergens in het script. En zo’n filmproject is natuurlijk heel persoonlijk: je kunt niet iemands levenswerk volledig bekritiseren. Maar zonder enige vorm van kritiek komt de boodschap die de filmmaker ‘bedoelt’ ook nooit aan bij het publiek.” In internationale context betekent dat dus ook het vinden van de juiste taal voor haar boodschap: “Als een maker geen taal spreekt die ik zelf spreek, hoeft dat niet te betekenen dat we niet tot één lijn komen. Dat maakt het soms juist makkelijker: in taal kan ook een complex knelpunt ontstaan.”
De praktijk: macht, processen en helderheid
In haar werk gebruikt Marietta nooit haar persoonlijke smaak als richtlijn. Haar taak is nuttig zijn, niet sturen. Wanneer er stereotypen of problematische ‘tropes’ opduiken in het script geeft ze het wel duidelijk aan, vanuit vakmanschap: “Ik denk dat niemand bewust stereotypen opschrijft en bedenkt. Ze ontstaan uit culturele bagage, uit bescherming of angst. In landen met censuur kunnen stereotypen zelfs als noodzakelijk middel worden ingezet om de makers te beschermen, een soort laag waarachter een authentieker verhaal schuilgaat.” Wanneer iemand koppig vasthoudt aan een stereotype, plant ze toch een zaadje. “Misschien luisteren de makers nú niet, maar het besef kan later in de toekomst, als de film al af is, toch ineens opduiken.”
Goede begeleiding bieden is voor Marietta dus essentieel als script consultant: “Een script consultant mag niet bang zijn om te durven confronteren. Als er niets is aangepast aan het script, ben je echt te lief geweest.” Zelf werkt Marietta aan dertig tot vijftig films per jaar als script consultant. Ze onthoudt alles: karakters, details, namen. “Het is alsof je in een trein van compartimenten stapt. Alles zit daar nog.” Maar wanneer een project even stil komt te liggen, sluit ze de deur. “Je moet ontspannen kunnen zeggen: dit is niet mijn film. Zij gaan de set op, jij stapt in een vliegtuig of trein en gaat naar huis: dan kun je er niks meer aan doen.”
Marietta benadrukt dat ze geen behoefte heeft om zelf films te maken, ondanks dat ze tientallen eigen projecten heeft geschreven waarvan sommigen nooit zijn gerealiseerd. Haar plezier ligt in het proces van ontleden, helderheid vinden, en de maker begeleiden. “Ik voel plezier wanneer ik besef dat de film waar ik aan meewerk niet ‘mijn’ film is. Dat is een bijzondere positie om als script consultant in te staan. Daarnaast verveel ik mij nooit: elke dag ziet er anders uit, en ik ga voor mijn werk de hele wereld over, wat nooit verveelt. Als ik me niet verveel tijdens mijn werk, ben ik geslaagd.”
De masterclass toonde hoe diep en complex het werk van een script consultant is — en hoe essentieel hun rol is in een industrie waar intentie, emotie, structuur, risico en waarheid voortdurend met elkaar botsen. In 2026 organiseert FilmForward meer programma’s rondom script consulting, met op woensdag 4 februari een Masterclass en Deep Dive met de Zuid-Afrikaanse script consultant Tracey-Lee Rainers (Story Oasis).
